Media
Donderdag 22 april
Efeziërs 3:10–13
Zo zal nu door de kerk de wijsheid van God in al haar schakeringen bekend worden aan alle vorsten en heersers in de hemelsferen, naar het eeuwenoude plan dat Hij heeft verwezenlijkt in Christus Jezus, onze Heer, in wie wij vrijelijk toegang hebben tot God, vol vertrouwen door ons geloof in Hem. Ik vraag u dan ook de moed niet te verliezen wanneer ik lijd omwille van u, want daaraan kunt u eer ontlenen.
Mogelijke aandachtspunten:
- Ook hier spreekt Paulus, net als in Efeziërs 1:21, over ‘hemelse vorsten en heersers’. In de hemelsferen, in de onzichtbare wereld die ontoegankelijk voor ons is, speelt zich veel af wat tegelijk van grote betekenis is voor ons hier op aarde. Grote machten en krachten zijn daarin werkzaam en soms trekt de Bijbel even het gordijn tussen ons en die wereld weg, zoals in het Bijbelboek Daniël 10:12–21 en de Openbaringen aan Johannes. Zijn we ons die wereld bewust?
- Is het niet verbijsterend: ‘door de kerk zal de wijsheid van God in al haar schakeringen bekend worden aan alle vorsten en heersers in de hemelsferen’! Degenen die Christus kennen en toebehoren hebben een voorsprong op die giga-grote machten en krachten die God geschapen heeft om middels hen het heelal te regeren en zijn plannen te volvoeren! Zij hebben deel aan ‘geheimen waarin zelfs engelen graag zouden doordringen’ (1 Petrus 1:12). Adembenemend, de zwakke, zondige mens is uitverkoren om de vorsten en heersers in de hemelsferen Gods wijsheid te openbaren. Is dat niet kenmerkend voor God? Altijd weer verkiest Hij het kleine, het onaanzienlijke, opdat hetgeen groot en machtig is zichzelf niet verheffen zal.
- Ik vraag u dan ook de moed niet te verliezen wanneer ik lijd omwille van u, want daaraan kunt u eer ontlenen. Wat kan daarmee bedoeld zijn?
