Nieuws

PDW 23 februari 2020


Puzzelen

Joh 2:13-22

Jezus riep voortdurend vragen op. In tegenstelling tot anderen, beten de discipelen zich vast in deze vragen. De discipelen gingen met Hem leven en leerden Hem kennen. Ook het Oude Testament – met de profielschets van de Messias – hielp hierin mee. En zo kwamen zij tot geloof: door het verlangen en de volharding om Hem te begrijpen.

Maar let goed op wanneer het kwartje viel: pas na Zijn kruisiging en opstanding! Pas daarna begrepen ze wat daarvoor gebeurt was en geloofden ze alles wat Jezus heeft gezegd. Hoe kom je tot geloof? Ondanks dat er geen recept voor is, zit er iets van biddend blijven puzzelen in (zoekt en gij zult vinden).

Maar waarom zou je gaan geloven? Misschien wel de allergrootste puzzel is de puzzel van het bestaan zelf (wat is mijn doel en reden van leven?).
Wil je een grote puzzel leggen dan moet je eerst kleinere puzzels leggen. Zo is het ook met het antwoord op levensvragen. Het antwoord op de vraag “wie is Jezus” is de belangrijkste puzzel. Hij is het hoek-puzzelstukje. Ook al kun je het bestaan niet (be)vatten, door Hem ontdek je het doel van jouw bestaan.

En hou je niet van puzzelen? De oplossing is achter in het boek te vinden: Hij is Heer.

2011-03-13-017.jpg
 

Route | Contact | Over deze site